Zelfverdediging Info Blog

Informatie over zelfverdediging.

Zelfverdediging Tip 43: houdt afstand tot een mes … maak dat je wegkomt!

 

Leer zo snel en ver mogelijk van gevaar weg te rennen zeker als het gaat om een aanvaller met een slag-, snij- of steekwapen!

 

 

 

 

 

 

Terreur

In vier weken tijd evenzoveel terreurdaden in Frankrijk. Het heeft zijn weerslag tot binnen onze landsgrenzen. Van politici in Den Haag tot sporters die ik ontmoet in een krachthonk waarin ik aan het trainen ben. Allen laten zich erover uit. De politici in bewoordingen over onze democratische vrijheden die wij niet moeten laten bedreigen. De mede-sporters hebben vragen aan mij over hoe zo veilig mogelijk zichzelf te kunnen verdedigen tegen een aanval met een mes.

‘Zo veilig mogelijk’ vind ik een goede toevoeging omdat messen wat mij betreft bijzonder onveilige voorwerpen zijn. Wie heeft zichzelf nooit per ongeluk met een mes in de vingers gesneden? Bij het koken of bij het klussen. Ook ik weet uit eigen ervaring dat je dit ongemerkt overkomen kan. Plots heb je een jaap in een vinger. Gewoon, door onoplettendheid en gedachteloos bezig zijn. Je bent zo vaak aan het koken, je bent zo vaak aan het klussen dat je niet eens meer oplet zodra je een mes pakt. Hoe ‘veilig’ is een mes eigenlijk nog?

Onmogelijk

Een mes is wél een snij- én steekwapen en dit zegt genoeg over hoe gevaarlijk dat is. Aanvallers kunnen hun slachtoffers verwonden door hen te steken met de punt en/of te snijden met het snijvlak. Waarbij tweesnijdende messen twee snijvlakken hebben. Iemand met kwade bedoelingen kan vanuit allerlei richtingen op veel verschillende manieren proberen zijn slachtoffers te raken. Hij zal heel wild en met grote bewegingen of heel gericht en bijna ongezien proberen dit wapen te gebruiken. Overal waar hij zijn slachtoffer(s) maar raken kan.

Het is naar mijn persoonlijke mening vrijwel onmogelijk dit te voorkomen. Tegen cursisten in mijn riddertrainingen zelfverdediging zeg ik elke les opnieuw dat zij vrijwel kansloos zijn tegen een mes. Dit geldt al helemaal voor scholieren en studenten binnen de scholierenzelfverdediging omdat deze jongeren nog niet volgroeid en dus niet op volle sterkte functioneren. Elke training vertel ik cursisten dat het vrijwel onmogelijk is een mesaanval te verdedigen zonder gewond te raken. Helemaal als je zonder op je omgeving te letten in jezelf teruggetrokken zit te bidden in een kerk. Of boodschappen aan het doen bent en zonder op je omgeving te letten over straat loopt. Nee, ik (ver)oordeel geen enkel slachtoffer want niemand had hun mogen vermoorden.

Afstand

Eigenlijk is er naar mijn idee maar één effectieve verdediging tegen een mesaanval en dat is om zo snel mogelijk een zo groot mogelijke afstand tot het mes te maken. Keer jezelf desnoods om en begin keihard te rennen. Ooit heb ik iemand zien rennen over in een fietsenstalling gestoken fietsen. Hij ging daar zo snel overheen dat niemand hem kon volgen. Prima manier om te ontkomen aan je achtervolgers en misschien ook aan een mes. Maak afstand … maak dat je wegkomt … ren zo snel als je kunt weg. Spring over tafels en banken ontwijk obstakels en hindernissen en maak dat je wegkomt.

Afstand is volgens mij niet alleen in het geval van een snij- en/of steekwapen je beste vriend. Ook als het gaat om slagwapens is het een heel goed idee te zorgen dat je niet geraakt kan worden. Maak dat je wegkomt. Hoe kleiner de kans geraakt te worden hoe minder kans op letsel.

Blokkeren

Een aanval met een slag-, snij- of steekwapen blokkeren vind ik niet zo een goed idee, behalve als je echt niet meer weg kan komen. ‘Kan je geen afstand maken, moet je de afstand zo klein mogelijk maken’ leer ik mijn cursisten. Hiermee bedoel ik dat zij de strijd naar hun tegenstander moeten brengen. Alleen als het niet anders kan. En … nooit ongewapend! Pak wat je pakken kan. Pak een stoel, een kruk, een (niet te zware) tafel, een leren jas/riem, asbak, fles … noem het zo gek maar op maar pak iets.

Kan je aan een mes komen, pak dan een mes. En ik spreek uit ervaring. Het is vlot over met de ambities van uw tegenstander op het moment dat u zo een situatie weet te ‘nivelleren’. ‘Nivelleren’ noem ik het gelijktrekken van een ongelijke strijd in mijn riddertrainingen zelfverdediging. Hij een stok, ik ook een stok … hij een mes, dan ik ook een mes.

Laf

Binnen mijn beroepsmatige praktijk heb ik meegemaakt hoe tegenstanders een gevecht plotseling opgaven toen zij zagen dat ik ook een mes inbracht. Het hoefde plots niet zo nodig meer voor hen. Dat was tot het moment dat ik zelf een mes wist te pakken toch echt héél anders. Mesvechters laten hun wapens nooit lang zien, die laten zij voelen aan hun slachtoffers. Zeker zodra die ongewapend zijn, want ‘alle mannen zijn laf’. Pak iets waarmee je de strijd kan ‘nivelleren’ als je er niet in slaagt aan een gevecht tegen een gewapende tegenstander te ontkomen.

‘Alle mannen zijn laf’’ leg ik vrijwel woordelijk zo aan cursisten in mijn riddertrainingen zelfverdediging uit. Dit hoeft geen hogere wiskunde te zijn, kijk maar naar slachtoffers van geweld door mannen. Dat zijn vaak vrouwen, of mannen die kleiner of veel minder sterk waren dan de daders zelf zijn. Of ze kwamen gewapend naar het gevecht om een grotere en sterkere tegenstander tot slachtoffer te maken.

Weglopen

Helaas hebben wij als samenleving ondanks alle terreur nog niet voldoende ervaring met geweld om burgers tot automatische weglopers te maken. Zelfs onze opsporingsambtenaren niet. Ooit zat ik beroepsmatig in een bijeenkomst met medewerkers van onze overheid, politie en defensie toen er plotseling een heel dik boek op een hoge plank omviel. Dat het om gebonden papier ging wisten wij nog niet. Maar het gaf een enorm  luide knal. Iedereen stond aan de grond genageld of zat aan de zitting van diens stoel vastgelijmd.

Zelf zat ik op dat moment aan de bar op een barkruk van een drankje te genieten en te luisteren naar de verschillende sprekers. Meteen na de knal was ik al vertrokken richting uitgang. En met mij een slanke man die een fiks stuk langer was dan ik ben. Wij liepen getweeën gehaast weg toen bekend gemaakt werd dat een lijvig boekwerk omgevallen was. Iedereen die ons in de ogen kon kijken lachte ons toe danwel uit. Wij keken elkaar even aan waarna de lange man vanuit de hoogte tegen mij zei: ‘liever blooje Jan dan dooje Jan’.  En hij had helemaal gelijk.

Achteraf had de presentator het er nog over met alle aanwezigen dat het hem opgevallen was dat er niemand onmiddellijk reageerde. Terwijl er heel wat aanwezigen bij politie en defensie vandaan kwamen die beroepsmatig heel wat spannende situaties meegemaakt hebben. Enkelen zelfs ervaring met oorlogsgeweld. Nou was dat niet helemaal waar, want twee paar voeten waren al onderweg naar de uitgang. Betekent dit dat elke burger ‘een wegloper’ zou moeten worden? Ik denk van wel.

 

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geweld,Zelfverdediging Tips and have No Comments

Zelfverdediging Tip 42b: niet mopperen maar doen …

 

 

 

 

 

 

‘Géén’ antwoordde ik. ‘Geen enkele zin’ antwoordde ik regelmatig op de aan mij gesteld vraag ‘welke zin het heeft het om 400 maal met je gestrekte benen te ‘flipperen’ terwijl je op je rug ligt’. ‘Maar, doe dit eens gewoon en zonder commentaar en zonder te mopperen’.

Topsporter

Als gastdocent die een pittige conditietest verzorgde, was ik twee weken geleden actief bij Van Hellemond Sport in Hilversum. Deze allround-sportschool heeft een succesvolle karateselectie met Wado Ryu karate-toppers die regelmatig in de prijzen vallen.

In overleg met wedstrijdtrainers Andre Broeke, Ton Lefebre en Karel Van Hellemond mocht ik de conditie van hun topsporters testen. Met afsluitend een stuk praktijk over het al dan niet houden van afstand binnen een vechtsport danwel een écht gevecht.

Van iedere topsporter verwacht ik een ijzeren conditie. Dus er werd heel veel heen en weer gelopen, ontzettend veel opgedrukt en opgesprongen.

‘Flipperen’

Daarnaast werd er ook ontzettend veel ‘geflipperd’. Op de buik liggend, op de rug liggend en ook op de billen zittend. ‘Flipperen’ betekent dat deze topkarateka’s hun gestrekte benen op en neer moesten blijven bewegen, gewoon alsof ze aan het zwemmen waren. Alsof zij aan het ‘flipperen’ waren met zwemvliezen aan hun voeten.

Het moet gezegd: op de geblesseerden na konden al deze topkarateka’s de voorgeschotelde getallen aan. Niet dat het een makkie was maar 400x achter elkaar ‘flipperen’ in ruglig werd door hun gewoon afgedraaid. Zonder gemopper werd deze oefening ‘gewoon’ uitgevoerd.

Mentaal

En dat viel mij reuze mee. Het viel mij mee dat ik niet steeds vragen van deze topsporters moest beantwoorden over het waarom van een aangeboden oefening. Deze topsporters voerden alle oefeningen zonder commentaar uit. Geweldig. Want, dit heb ik ook wel eens anders meegemaakt. Dat ik aldoor vragen moest beantwoorde naar het waarom van een door mij aangeboden oefening.

Dan werd mij gevraagd naar de zin achter een ‘flipperoefening’ 400 maal uitvoeren. ‘Geen enkele zin’ antwoordde ik regelmatig. De vragenstellers legden mijn antwoord uit als: ‘het heeft geen enkele zin om deze oefening 400x uit te voeren’. Met mijn woorden bedoelde ik echter dat ik ‘geen enkele zin’ had verder op deze vraag in te gaan.

Zeker in een conditietest die ik mag aanbieden, test ik niet alleen fysiek op kracht en uithoudingsvermogen maar ook mentaal. Dan kijk ik om mij heen om te zien wie er al vroeg afhaken en wie er alsmaar doorgaan. Doorgaan tot de 400ste keer op en neer ‘flipperen’. En nee, natuurlijk vraag ik dit niet van een beginnersklasje karate maar voor topvechters vind ik 400x ‘flipperen’ beslist haalbaar. Bovendien deed ik in de conditietest die ik voor de toppers in de wedstrijdselectie bij Van Hellemond Sport mocht verzorgen lekker mee. En als ik als 60-jarige seniore oud-topper nog 400 maal kan ‘flipperen’, moeten 40 jaar jongere topvechters dat getal al zeker halen.

 

 

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Budo,Zelfverdediging Tips and have No Comments

Zelfverdediging Tip 30: nooit worstelen OM een wapen! (2)

Messentrekker
Na gisteren vormden ook vandaag, in mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging in Bussum, de jongeren die de verwarde en met twee messen bewapende man hun schoolplein afjoegen hét onderwerp van gesprek. Vooral veel vragen kreeg ik hierover gesteld door jongeren die zelf nog naar school gaan. Had ik ook met mijn tas moeten gooien Adrie? En ook: hoe had ik hem kunnen ontwapenen Adrie? Volwassen cursisten vroegen mij vooral naar manieren mesaanvallers onschadelijk te maken.

YouTube
Van 2009 tot 2013 heb ik aan de Hogeschool van Amsterdam in deeltijd Pedagogiek gestudeerd. In de lerarenvariant waarvoor ik stages in het onderwijs gelopen heb als Leraar in Opleiding. Zogenaamde LiO-stages. En dat was niet gemakkelijk omdat ik in het geheel niet werkzaam was in het onderwijs. Telkens moest ik een nieuwe stageplek zien te vinden.
Tegelijk was het een prachtige tijd waarin mijn optreden als LiO-stagiair zelfs op het internet niet ongemerkt bleef. Wat was het geval? Al in 2010 liet ik mijzelf als LiO-stagiair tijdens mijn lessen voor de klas filmen door de leerlingen. Het door mij vol gekalkte schoolbord mochten scholieren fotograferen. Foto’s en video’s die zij mee konden nemen naar huis om de lesstof beter te kunnen onthouden en (vooral) toepassen. Toentertijd was dit nogal controversieel. Vandaar wat reacties op internet. Want, docenten waren vooral erg bang voor het internet. Nu anno 2018 is ‘meester Jan’ een vlogger die elke dag in beeld en geluid verteld over zijn wederwaardigheden voor de klas.

Digitaal
Anno 2018, amper acht jaar verder, leven scholieren bijna de hele dag op hun mobiele telefoon. In mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging van vandaag wordt mij dit duidelijk. De jongeren in mijn training laten mij op hun mobieltjes allerlei YouTube-video’s zien.

Kijk Adrie, zo pakt hij dat mes af! Mooi he! En deze dan … wat vind jij van deze techniek Adrie? Allerlei filmpjes worden mij getoond. Van superslanke en lenige vechtsporters in felgekleurde exotische vechttenue’s tot extra brede en sterke (para)militairen in camouflagepak. Personen die trainen met messen, stokken, bijlen en vuurwapens. Ontelbaar veel filmpjes zijn wereldwijd op het internet digitaal opgeslagen vol met kennis die voor iedereen bereikbaar is.

Kennis
Maar, kennis vinden en tot je nemen is volgens mij niet direct hetzelfde als voldoende vaardig zijn deze kennis adequaat toe te kunnen passen. Er zijn mensen die vanuit bewegende beelden werkelijk de meest moeilijke acties kunnen toepassen. Tegelijk zijn er hordes mensen aan wie de bewegingen die zij gezien hebben verbaal verduidelijkt moeten worden. En zijn er mensen die deze bewegingen opgesplitst in deelbewegingen aan moeten leren.

Het antwoord op vragen die mij vanavond gesteld zijn heb ik daarom niet. ‘Leuk’, ‘spannend’ en ‘aardig’ zijn woorden die ik gebruikt heb naar mijn cursisten toe zodra wij allerlei zelfverdedigingsfilms op YouTube samen met mij bekeken.

Lescurriculum
Mijn opleidingsinstituut voor weerbaarheid, zelfverdediging en beroepsmatig fysie optreden is geen club, vereniging of school waar leden vecht- en/of verdedigingssporten beoefenen. Er wordt bij mij geen maandelijkse contributie betaald voor vaste lesdagen, -tijden en -inhoud. Bij mij wordt op uurtjefactuurtje afgerekend terwijl lesdagen, -tijden en -inhoud in onderling overleg vooraf bepaald worden. Ook voor al die cursisten die gisteren en vandaag zo veel vragen aan mij stelden over het incident met de verwarde man die met twee messen zwaaiend het schoolplein van het Scala College opliep.

Juist omdat ik zonder vast lescurriculum trainingen verzorg, heb ik de vrijheid mijn lesinhoud geheel af te stemmen op de hulpvraag van mijn cursisten. Ook wanneer die mij aan de hand van allerlei YouTube-filmpjes vragen over zelfverdediging stellen. Filmpjes waar ik tegenover mijn cursisten (en iedere andere kijker overigens) geen enkele mening ventileer. Uiteindelijk gaat het in zulke video’s om concullega’s van mij die ik op geen enkele wijze wens te beschadigen.

Praktijkervaring
De context van mijn lesinhoud wordt gevormd door de combinatie van individuele hulpvraag van mijn cursist(en) en de praktijkervaring die ik in de ruim dertig jaar dat ik mijn beroep uitvoer heb mogen opdoen. Mijn beroepshouding heeft leidinggevenden ertoe gebracht over mij in beoordelingen vast te leggen dat ik een medewerker ben die ‘zijn eigen veiligheid van ondergeschikt belang maakt aan dat van de organisatie’. Plus dat ik een medewerker ben die je ‘er goed bij kan hebben in geval van calamiteiten’. Dat betekent heel wat voor mij!

Vanuit mijn praktijkervaring kan ik mijn cursisten wél antwoord op hun vragen geven. Maar, mijn antwoord staat helemaal los van de vele YouTube-filmpjes die cursisten mij al twee dagen lang laten zien. Mijn antwoord staat daar zelfs volkomen haaks op.

Context
In alle YouTube-filmpjes die cursisten mij vandaag en gisteren hebben laten zien staat het ontwapenen van een mesaanvaller centraal in de verdedigende acties die mijn cursisten mij toonden. Kan allemaal. Zelfs ongewapend werden aanvallers op allerlei manieren het mes afgepakt. Kan.

Wat veel bekijkers van zulke video’s vergeten is de context waarvoor deze acties op het internet gezet zijn. Zijn deze filmpjes geplaatst vanuit didactische, pedagogische of marketingtechnische belangen? Wat is de onderliggende bedoeling? Wat is de achterliggende theorie?

De ridderfactortrainingen zelfverdediging verzorg ik vanuit een puur praktijkgericht denkkader op basis van mijn persoonlijke praktijkervaring met weerbaarheid, zelfverdediging en beroepsmatig fysiek optreden. Het is daarom niet voor niets dat ik steeds aan mijn cursisten zeg: ‘Nooit worstelen OM het wapen … worstel MET het wapen’. Mijn arbeidshistorische achtergrond in het adequaat omgaan met (gewapend) geweld ligt ten grondslag aan deze opmerking.Een context waarbinnen ik ervaren heb dat het veel belangrijker is te strijden met het wapen dan om het wapen. Uiteindelijk is de mens het wapen en het wapen slechts diens gereedschap.

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Zelfverdediging Tips and have No Comments