Zelfverdediging Info Blog

Wordt weer scholier t.a.v. uw zelfverdediging en léér.

Zelfverdediging Tip 32: zoek een trainer die naar uw hulpvraag luistert.

Bewegen
Niets in het leven is het zelfde. De dag van vandaag is niet gelijk aan die van gisteren. Situaties waarin je gisteren zat zijn vandaag heel anders. Mensen idem dito. Geen twee personen hebben dezelfde vingerafdrukken. Geen twee mensen bewegen hetzelfde. Sterker nog, geen twee mensen hebben dezelfde voorkeur voor hun wijze van bewegen. Iedereen beweegt zichzelf op diens unieke manier voort.

Communiceren
De vraag is of ieders bewegingsvoorkeur voortkomt uit diens breinvoorkeur of dat diens voorkeur voor een bepaalde wijze van denken voortgekomen is uit de manier van bewegen van diens lichaam. Klinkt moeilijker dan het is. Simpel gezegd: sommige mensen lopen met hun lichaam iets achter de lichaamsas en anderen met hun lichaam iets daarvoor. Dat betekent heel veel voor elke beweging die gemaakt wordt. Tegelijk is de beweging van elke persoon een uiting van diens denkwijze. Voor de manier waarop deze persoon in het leven staat. En de wijze waarop die het liefst communiceert met anderen. Bewegen is meteen al een manier van communiceren.

Eigenheid
Zodra mensen stress ervaren vallen zij terug op alles dat zij al kennen. Zoals hun eigen persoonlijke bewegingsvoorkeur en de aansturing ervan vanuit hun breinvoorkeur. Dit betekent dat ieder individu op een geheel eigen wijze zal reageren onder druk van wangedrag, agressie, bedreiging, geweld, tijdsdruk, tegenslag en tegenwerking. De een wordt opstandig en gaat vechten, de ander probeert weg te komen en zich te verstoppen, de derde wordt bewegings- en besluiteloos en de laatste zet zich schrap en durft te wachten op wat komen gaat.
Ieder mens gaat op diens eigen wijze om met druk die uitgeoefend wordt. Daarom is het mijn vaste overtuiging dat ieder mens geheel in navolging van diens persoonlijke eigenheid in weerbaarheid en zelfverdediging getraind zou moeten worden.

Gesprek
Geïnteresseerden in mijn ridderfactortrainingen weerbaarheid, zelfverdediging en beroepsmatig fysiek optreden nodig ik daarom altijd uit voor een kennismakingsgesprek in Bussum bij mijn bedrijf Sta Vast Training. In eerste instantie om mijzelf te verdiepen in de hulpvraag en daarna te inventariseren waar de mogelijkheden liggen voor mij om een passende training aan te bieden. Allereerst op basis van de hulpvraag en daarna in het licht van bewegings- en breinvoorkeuren van deze mogelijke cursist.

Historie
Naast hulpvraag, bewegings- en breinvoorkeuren ben ik als trainer ook geinteresseerd in de historie van mijn mogelijke cursisten in het omgaan met wangedrag, agressie, bedreiging en geweld. Wat is de aanleiding geweest om mij en mijn bedrijf op te zoeken? Welke antwoorden worden er van mij verwacht? In de huidige sterk verhardende tijdsgeest liegen de antwoorden op mijn vragen er echt niet om!

Er worden meisjes en jonge vrouwen bij mij gebracht die in onze Nederlandse straten en huishoudens werkelijk aangevallen zijn … door jongens en mannen! Hoe is het mogelijk anno 2018? Er komen ondernemers bij mij die op eigen terrein, in hun bedrijf bedreigd en zelfs aangevallen zijn. En jongens die op straat getreiterd en bespuugd worden door wildvreemden zonder enige aanleiding. Dan heb ik het hier nog niet eens over alle scholieren die door hun ouders naar mij in Bussum gebracht worden met het verzoek hen nu écht te leren vechten. Hun ouders zijn het wangedrag, de agressie, bedreiging en geweld dat op hun kinderen uitgeoefend wordt helemaal zat.

Volgens mij is het hoog tijd het tij te keren en daar zal keihard aan gewerkt moeten worden.
Kijk voor meer informatie over puur praktijkgerichte trainingen zelfverdediging op: www.zelfverdediging.org
Kijk voor meer informatie over trainingen gericht op het ontwikkelen van een ridderlijke houding op: www.ridderfactor.nl

Wilt u snel nog meer weten? Bel naar 06-13886352 of mail naar info@ridderfactor.nl

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 31: vraag omstanders persoonlijk om hulp!

Op de foto ben ik bij mij op de zaak bij Ridderfactor.nl in Bussum vanuit mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging in gesprek met een psycholoog van het Ministerie van Binnenlandse Zaken over weerbaarheid van burgers binnen onze samenleving. Hij bracht de term ‘Bystander Effect’ in.

Groepsdynamica
Tijdens mijn deeltijdstudie pedagogiek (vier jaar gedaan zonder af te studeren!) hebben wij het binnen het vak Groepsdynamica indringend gehad over de ‘psychologie achter het helpen’. Daar bleek heel wat wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Want, hoe meer mensen ergens aanwezig zijn, hoe minder ze andere mensen die in nood verkeren zullen helpen. Kleine groepen mensen zullen elkaar eerder bijstaan.
Binnen de sociale psychologie staat dit verschijnsel bekend als het ‘Bystander Effect’, in het Nederlands: het omstanderseffect.

Helpen
Blijkbaar helpen groepen mensen individuen niet meteen, direct en graag. En al helemaal niet wanneer het verlenen van hulp nadelig uit kan vallen voor de helper. Die wil niet te laat komen op zijn werk en verleend onderweg geen hulp aan medemensen in nood. Die loopt zelf gevaar op letsel en wil niet het risico lopen zich bij een arts voor medische verzorging te moeten melden met misschien een lange herstelperiode in het vooruitzicht.
Terwijl hulp van anderen in noodgevallen de overlevingskansen van slachtoffers juist vergroten kan. Hulp op zulke momenten verlenen kan tegelijk de eigen overlevingskansen verkleinen. Verlenen van hulp blijft uit.
Binnen de Sociale Psychologie is de psychologie achter het helpen van mensen onderling veel bestudeerd. Groepsdynamica, verwantschap en gelijkenissen spelen hierin een grote rol. Iemand die niet lijkt op anderen uit een bepaalde groep kan hulpverlening door die groep op zijn buik schrijven.

Vervagen
Los van duidelijk herkenbare en vaste (bevolkings-, vrienden- en gelegenheids-)groepen, reageren ook plots samengestelde of bijeengekomen groepen al snel heel besluiteloos op het verlenen van hulp aan medemensen die dit nodig hebben. Alle groepsleden delen de verantwoordelijkheid voor het verlenen van hulp blijkbaar door het aantal aanwezigen. Hoe meer aanwezigen hoe kleiner de individuele verantwoordelijkheid voor het verlenen van hulp ervaren wordt.

Binnen de Sociale Psychologie heet dit ‘diffusion of responsibility’. Met als gevolg dat er totaal geen druk ervaren wordt om zelf een medemens te helpen. Iedereen verlegt de verantwoordelijkheid voor het verlenen van hulp naar een andere aanwezige. Sterker nog, in zulke situaties met grote groepen getuigen kan het zelfs zo zijn dat iedere aanwezige naar elkaar kijkt op zoek naar bevestiging voor het niet verlenen van hulp.

Druk
Waar zo een groep mensen vanuit een soort van ‘vervaagd verantwoordelijkheidsgevoel’ eerst niet meteen in actie kwam om hulp te verlenen. Kan het ontbreken van daadkracht nog veel langer duren vanuit de bevestiging die groepsleden elkaar geven door het niet in actie komen. Juist ja, precies zoals ik het zeg: het nietsdoen vormt op deze manier een bevestiging om niets te blijven doen vanuit een vorm van sociale druk om niets te doen.

Het is heel moeilijk om aan sociale druk te ontsnappen. Mensen zijn groepsdieren en niemand wil in negatieve zin opvallen.Zie hier de negatieve gevolgen van sociale druk voor slachtoffers van geweld waar een groot aantal mensen getuige van kan zijn. Omdat de groep niet reageert zullen individuen niet in actie komen. Het ergst is nog dat groepsleden dit achteraf goedpraten door te zeggen dat zij dachten dat het voor het slachtoffer ‘wel mee zou vallen’ omdat niemand in actie kwam. En dat er de indruk leefde dat er weinig aan de hand zou zijn geweest. Wat soms helemaal naast de waarheid kan zitten als er terug gekeken wordt op de situatie.

Dwingen
Heel lang geleden toen er nog geen AED’s overal in allerlei werkomgevingen hingen, heb ik wel eens moeten reanimeren. Dat is ‘handmatig’ echt moeilijk en zwaar. Slachtoffers gaan spugen en kwijlen en je ziet ze onder je handen wegvallen.
Zelfs weglopende BHV’ers heb ik in zulke gevallen meegemaakt. Die kon ik niet terughalen door hen dwingend aan te spreken. Dat betekent nogal wat. Hoe voorkom je dat verantwoordelijkheden vervagen? Het was toch duidelijk dat ik hulp nodig had bij het reanimeren? Terwijl persoonlijk aanspreken van weglopers niet hielp.

Ook heb ik meegemaakt dat een ontzettend dik boek dat met een luide knal op een boekenplank omviel, niet leidde tot een massaal vertrek van deelnemers aan een bijeenkomst van politie en krijgsmacht. Ja, vier voeten klonken er van twee deelnemers die meteen na de knal onderweg waren naar de uitgang van deze ruimte. Dat waren mijn twee voeten en die van een sergeant-majoor. Wij maakten ons samen als enige uit de voeten. Tot hilariteit van iedereen die nog in diens stoel zat. Er bleek namelijk een boek omgevallen.

Jan
Mijn ‘meeloper’ en ik werden breed uitgelachen toen wij op onze schreden moesten terugkeren naar onze zitplaatsen. ‘Liever blooie Jan dan dooie Jan’ zei deze man in antwoord op het gelach aan mij. ‘Helemaal gelijk’ antwoordde ik hem. Wij hebben het er daarna helemaal niet meer over gehad. Voor ons was het duidelijk: als wij een keiharde knal horen … gaan wij er als enige meteen vandoor.

Blijkbaar is het zo dat groepen mensen niet alleen besluiteloos blijven als het gaat om het hulp verlenen aan anderen. Zo een groep mensen reageert ook niet in een potentieel gevaarlijke situatie waarin zij in actie zouden moeten komen om zichzelf te helpen. Ook dan blijven mensen blijkbaar toekijken in een noodsituatie of bij een misdrijf zonder in actie te komen. Blijven mensen bewegingloos op hun plaats zitten nadat er een luide knal geklonken heeft.

Het trieste is dat dit zelfs binnen supergetrainde en praktijkervaren groepen kan voorkomen, iets om diep over na te denken. Juist en vooral binnen de ridderfactortrainingen zelfverdediging die ik in Bussum verzorg.

Sta Vast!

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 30: nooit worstelen OM een wapen! (2)

Messentrekker
Na gisteren vormden ook vandaag, in mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging in Bussum, de jongeren die de verwarde en met twee messen bewapende man hun schoolplein afjoegen hét onderwerp van gesprek. Vooral veel vragen kreeg ik hierover gesteld door jongeren die zelf nog naar school gaan. Had ik ook met mijn tas moeten gooien Adrie? En ook: hoe had ik hem kunnen ontwapenen Adrie? Volwassen cursisten vroegen mij vooral naar manieren mesaanvallers onschadelijk te maken.

YouTube
Van 2009 tot 2013 heb ik aan de Hogeschool van Amsterdam in deeltijd Pedagogiek gestudeerd. In de lerarenvariant waarvoor ik stages in het onderwijs gelopen heb als Leraar in Opleiding. Zogenaamde LiO-stages. En dat was niet gemakkelijk omdat ik in het geheel niet werkzaam was in het onderwijs. Telkens moest ik een nieuwe stageplek zien te vinden.
Tegelijk was het een prachtige tijd waarin mijn optreden als LiO-stagiair zelfs op het internet niet ongemerkt bleef. Wat was het geval? Al in 2010 liet ik mijzelf als LiO-stagiair tijdens mijn lessen voor de klas filmen door de leerlingen. Het door mij vol gekalkte schoolbord mochten scholieren fotograferen. Foto’s en video’s die zij mee konden nemen naar huis om de lesstof beter te kunnen onthouden en (vooral) toepassen. Toentertijd was dit nogal controversieel. Vandaar wat reacties op internet. Want, docenten waren vooral erg bang voor het internet. Nu anno 2018 is ‘meester Jan’ een vlogger die elke dag in beeld en geluid verteld over zijn wederwaardigheden voor de klas.

Digitaal
Anno 2018, amper acht jaar verder, leven scholieren bijna de hele dag op hun mobiele telefoon. In mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging van vandaag wordt mij dit duidelijk. De jongeren in mijn training laten mij op hun mobieltjes allerlei YouTube-video’s zien.

Kijk Adrie, zo pakt hij dat mes af! Mooi he! En deze dan … wat vind jij van deze techniek Adrie? Allerlei filmpjes worden mij getoond. Van superslanke en lenige vechtsporters in felgekleurde exotische vechttenue’s tot extra brede en sterke (para)militairen in camouflagepak. Personen die trainen met messen, stokken, bijlen en vuurwapens. Ontelbaar veel filmpjes zijn wereldwijd op het internet digitaal opgeslagen vol met kennis die voor iedereen bereikbaar is.

Kennis
Maar, kennis vinden en tot je nemen is volgens mij niet direct hetzelfde als voldoende vaardig zijn deze kennis adequaat toe te kunnen passen. Er zijn mensen die vanuit bewegende beelden werkelijk de meest moeilijke acties kunnen toepassen. Tegelijk zijn er hordes mensen aan wie de bewegingen die zij gezien hebben verbaal verduidelijkt moeten worden. En zijn er mensen die deze bewegingen opgesplitst in deelbewegingen aan moeten leren.

Het antwoord op vragen die mij vanavond gesteld zijn heb ik daarom niet. ‘Leuk’, ‘spannend’ en ‘aardig’ zijn woorden die ik gebruikt heb naar mijn cursisten toe zodra wij allerlei zelfverdedigingsfilms op YouTube samen met mij bekeken.

Lescurriculum
Mijn opleidingsinstituut voor weerbaarheid, zelfverdediging en beroepsmatig fysie optreden is geen club, vereniging of school waar leden vecht- en/of verdedigingssporten beoefenen. Er wordt bij mij geen maandelijkse contributie betaald voor vaste lesdagen, -tijden en -inhoud. Bij mij wordt op uurtjefactuurtje afgerekend terwijl lesdagen, -tijden en -inhoud in onderling overleg vooraf bepaald worden. Ook voor al die cursisten die gisteren en vandaag zo veel vragen aan mij stelden over het incident met de verwarde man die met twee messen zwaaiend het schoolplein van het Scala College opliep.

Juist omdat ik zonder vast lescurriculum trainingen verzorg, heb ik de vrijheid mijn lesinhoud geheel af te stemmen op de hulpvraag van mijn cursisten. Ook wanneer die mij aan de hand van allerlei YouTube-filmpjes vragen over zelfverdediging stellen. Filmpjes waar ik tegenover mijn cursisten (en iedere andere kijker overigens) geen enkele mening ventileer. Uiteindelijk gaat het in zulke video’s om concullega’s van mij die ik op geen enkele wijze wens te beschadigen.

Praktijkervaring
De context van mijn lesinhoud wordt gevormd door de combinatie van individuele hulpvraag van mijn cursist(en) en de praktijkervaring die ik in de ruim dertig jaar dat ik mijn beroep uitvoer heb mogen opdoen. Mijn beroepshouding heeft leidinggevenden ertoe gebracht over mij in beoordelingen vast te leggen dat ik een medewerker ben die ‘zijn eigen veiligheid van ondergeschikt belang maakt aan dat van de organisatie’. Plus dat ik een medewerker ben die je ‘er goed bij kan hebben in geval van calamiteiten’. Dat betekent heel wat voor mij!

Vanuit mijn praktijkervaring kan ik mijn cursisten wél antwoord op hun vragen geven. Maar, mijn antwoord staat helemaal los van de vele YouTube-filmpjes die cursisten mij al twee dagen lang laten zien. Mijn antwoord staat daar zelfs volkomen haaks op.

Context
In alle YouTube-filmpjes die cursisten mij vandaag en gisteren hebben laten zien staat het ontwapenen van een mesaanvaller centraal in de verdedigende acties die mijn cursisten mij toonden. Kan allemaal. Zelfs ongewapend werden aanvallers op allerlei manieren het mes afgepakt. Kan.

Wat veel bekijkers van zulke video’s vergeten is de context waarvoor deze acties op het internet gezet zijn. Zijn deze filmpjes geplaatst vanuit didactische, pedagogische of marketingtechnische belangen? Wat is de onderliggende bedoeling? Wat is de achterliggende theorie?

De ridderfactortrainingen zelfverdediging verzorg ik vanuit een puur praktijkgericht denkkader op basis van mijn persoonlijke praktijkervaring met weerbaarheid, zelfverdediging en beroepsmatig fysiek optreden. Het is daarom niet voor niets dat ik steeds aan mijn cursisten zeg: ‘Nooit worstelen OM het wapen … worstel MET het wapen’. Mijn arbeidshistorische achtergrond in het adequaat omgaan met (gewapend) geweld ligt ten grondslag aan deze opmerking.Een context waarbinnen ik ervaren heb dat het veel belangrijker is te strijden met het wapen dan om het wapen. Uiteindelijk is de mens het wapen en het wapen slechts diens gereedschap.

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 29: nooit worstelen OM een wapen!

Meswerpen
Vrijwel elke cursist die naar mijn opleidingsinstituut in Bussum komt voor de puur praktijkgerichte trainingen zelfverdediging die ik daar verzorg vanuit mijn ridderfactor verhogende lessen, vraagt om oefening in het mesvechten. Nu heb ik van kinds af aan geleerd zo goed mogelijk met messen om te gaan. Decennia lang vond ik het vreemd dat er in ons land vanaf midden jaren ’70 van de vorige eeuw tot slechts enkele jaren geleden het mesvechten in Nederland taboe leek.

Een mes bij je hebben was werkelijk ‘not done’ en hoorde alleen bij de intellectueel minderbedeelden. Zo werd dat soms letterlijk gebracht. Terwijl het bij mij hebben van een mes niet meer dan dagelijkse kost was. Als kind speelde ik met vriendjes een spel dat ‘landje-pik’ heette. Wij tekenden een vierkant in het zand en door met messen in dat vierkant te gooien trokken wij lijnen waarmee wij stukken uit dat vierkant van elkaar af pakten. Zo leerden wij meswerpen! Geen haar op ons hoofd dacht eraan deze messen op elkaar te gebruiken. Niet als twaalfjarige en ook niet als achttienjarige. Er werden geen geweldsmisdrijven met deze messen gepleegd.

De messen waarmee wij ‘Landje-Pik’ speelden waren vlijmscherp. Frits, een vriendje waar ik vaak mee speelde, stroopte er de konijnen mee die hij strikte. Nooit hebben wij onze messen tegen andere mensen gebruikt.

Stanleymes
De ouders van een veertienjarige jongen, brachten hem naar Bussum voor een ridderfactortraining scholierenzelfverdediging omdat hij op school beroofd werd. Niet eenmaal maar vaker. Zonder dat zijn ouders, familie, vriendjes en klasgenoten daar een eind aan konden maken. Durfden maken. Want, de jeugdige criminelen die het op deze netjes opgevoede jongen voorzien hadden bleken bijzonder gewelddadig. Zij deinsden er niet voor terug deze veertienjarige puber een stanleymes op de keel te zetten.

Deze puber heeft door dit stanleymes doodsangsten doorstaan. Angsten die hem nog steeds in tranen deden uitbarsten. Ook bij mij op de zaak. Zelfs in mijn Sta Vast! ridderfactortrainingen zelfverdediging. Uiteindelijk heb ik zijn ouders geadviseerd om via hun huisarts gespecialiseerd hulpverlening te zoeken. En meer dan een psycholoog. Deze jongen was psychisch zwaar gehavend door het stanleymes op zijn keel.

Mesvechten
Vandaag wordt ik door een cursist uit mijn ridderfactortraining zelfverdediging gewezen op een YouTube-filmpje waarop te zien is hoe een man die twéé messen op dreigende wijze hanteert het schoolplein van het Scala College afgejaagd wordt door scholieren. Misschien wel net zo oude pubers als de veertienjarige jongen die helemaal kapot was door de doodsbedreiging met een stanleymes op zijn keel. De pubers op het YouTube-filmpje zijn echt niet bang. En zullen dat naar mijn idee ook niet snel worden. Zij smijten met schooltassen naar hun aanvaller en weten hem zelfs weg te jagen.

Vandaag heb ik twee cursisten in net zoveel privétrainingen zelfverdediging bij mij op de zaak in Bussum. Beiden vragen mij expliciet om in het mesvechten getraind te mogen worden. Zij voeren ook allebei het YouTube-filmpje als voorbeeld aan. En vragen mij wat te doen indien zij zelf met zo een met twéé messen zwaaiende tegenstander te maken zouden krijgen.

Gelukkig hoef ik hen enkel en alleen te herinneren aan de ridderfactortrainingen zelfverdediging die zij al genoten hebben. Namelijk het trainen van zelfverdediging met behulp van een tas, een agenda, een boek, een mobieltje, een pen en zelfs met een jas. Ondanks dat het hen wél geleerd is … moest ik hen er beiden aan herinneren. Mesvechten valt blijkbaar niet mee.

Veiligheid
Alleen al het agressief gedrag van anderen kan diepe angstgevoelens bij slachtoffers oproepen. Zij krijgen ‘rubberen’ benen, gaan peentjes zweten, bibberen, hijgen en lijden aan tunnelvisie. Laat staan wanneer het op een slagenwisseling uitloopt. Elk gevecht ‘om het echie’ verloopt niet minder dan bruut. Er wordt zo hard mogelijk geslagen en geschopt met maar één doel letsel toebrengen en bang maken.

Het is onvoorstelbaar hoe dit zou verlopen wanneer er messen in het spel zijn. Elk mesgevecht is loodzwaar. En daar kan ik als beroepskracht beslist over meepraten. Er is over mij vastgelegd hoe ik tegenstanders hun snij- en steekwapen afgenomen heb. Over mij als medewerker is in een beoordeling vastgelegd dat ik ‘mijn eigen veiligheid van ondergeschikt belang maak aan dat van onze organisatie’. Dit is niet voor niets en hier ben ik bijzonder trots op. Mijn persoonlijke veiligheid is meermaals in het gedrang geweest. Letterlijk.

Ervaring
Mijn persoonlijke praktijkervaring met het échte gevecht heeft mij geleerd als instructeur mijn cursisten werkelijk op het hart te drukken ‘nooit te worstelen OM een wapen’. Natuurlijk heb ik ‘calamiteiten’ beslist met slagen, trappen en een worp waarna zo een tegenstander afgevoerd kon worden.

Daarnaast ben ik beroepsmatig betrokken geweest bij conflicten die eindigden in een worsteling. Ook met een gewapende tegenstander. Deze ervaringen hebben mij geleerd nooit OM een wapen te worstelen maar … MET het wapen zo een worsteling uit te vechten. Het verschil zit hem in de mindset die deze verschillende woorden oproepen.

Wanneer twee honden vechten om een bot gaat de derde ermee vandoor. Zo is het ook binnen de zelfverdediging. Zodra twee mensen vechten om een wapen, raken zij het overzicht in dat gevecht kwijt. Beiden zijn gefocust op het wapen in plaats van zich te concentreren op het uitschakelen van hun aanvaller. Alleen maar sleuren en trekken aan het wapen zonder jezelf te richten op het uitschakelen van je tegenstander vermoeid alleen maar. Bewaar en gebruik je energie om je aanvaller uit te schakelen.

Ga voor zijn meest kwetsbare delen. Dat zijn nooit per definitie zijn ‘weke delen’ maar vooral zijn ogen en keel. Val die aan. Val ook zijn ledematen aan op de gewrichten, zoals diens ellebogen, polsen, knieën en enkels. Het liefst doe je dat met het wapen dat jouw aanvaller in de strijd gebracht heeft. Wacht niet totdat jij dat wapen heb kunnen afpakken maar richt je van meet af aan op het vechten MET dat wapen. Zelfs als je tegenstander dat nog vast heeft …

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 28: wordt supersterk!

Wegen
Voorafgaande aan hun wedstrijden moeten veel vechtsporters gewogen worden. Dat is niet voor niets. Dat is ter controle van het juiste gewicht, zodat deze sporters ongeveer even zwaar zijn binnen de marge die zo een vechtsport hun biedt. Vechtsporters wéten dat zij (binnen hun gewichtsklasse) zo sterk mogelijk moeten zijn om het van hun tegenstanders te kunnen winnen. Daartoe hangen vechtsporters minstens driemaal per week in een krachthonk. Omdat een sterkere spier over het algemeen ook een grotere spier is, nemen vechtsporters niet alleen in kracht toe maar ook in omvang. En dus in gewicht. Vandaar dat zij zich moeten wegen om te controleren dat zij niet veel zwaarder zijn (geworden) dan hun tegenstander.

Spiermassa
Blijkbaar vinden vechtsporters kracht ontzettend belangrijk. Zij zorgen ervoor zo sterk mogelijk te worden. Kracht helpt hen om tegenstanders keihard te treffen, vasthouden en/of werpen. En omdat meer kracht gelijk staat aan een hoger gewicht door de toename van hun spieromvang, worden zij gecontroleerd op het juiste gewicht. Vaak klopt hun gewicht overigens niet meer. Dan gaan zij ‘crashen om te cashen’. Op allerlei manieren gaan vechtsporters die exponentieel in gewicht toegenomen zijn dit gewicht er weer af gooien. Nee, niet hun spiermassa omlaag brengen maar hun enkel hun gewicht. Zij gaan diëten en zweten en desnoods plaspillen slikken. Alles eraf gooien wat zij denken dat zij kunnen missen … behalve hun spiermassa.

Chemie
Om spieren sterker te maken moeten zij een bepaalde weerstand ervaren. Die weerstand wordt gevormd door halters, stangen en al het andere dat ons lichaam kan belasten tijdens het uitvoeren van een beweging. De kracht die spieren moeten genereren om zo een weerstand te overkomen geeft signalen af via chemische processen die het menselijk lichaam ertoe aanzetten spieren te laten groeien en sterker worden. Die chemische processen zijn van groter belang dan de gewichten die deze oproepen. Het draait niet om de gewichten maar om de processen. En dat is een belangrijk gegeven. Die chemie die ons lichaam kenmerkt.

Uniek
Elk lichaam is anders, met vergelijkbare processen en tegelijk geheel andere uitkomsten. Het ene mens voelt zich meer aangetrokken tot het leveren van duurkracht terwijl de ander veel explosiever is van aard. Nu benoem ik hiermee precies twee uitersten aan het spectrum van de krachttraining: duurkracht en snelkracht. Twee vormen van krachttraining die zich niet makkelijk laten combineren.

In de jaren ’80 van de vorige eeuw was ik lid van de Nederlandse Karate Selectie. Om daarvoor geselecteerd te worden moest ik eerst prijzen winnen op nationaal niveau. Om karatewedstrijden te winnen moest ik duurkracht en snelkracht combineren. Want, in die tijd moest ik gemiddeld twaalf wedstrijden per dag vechten wat over de gehele dag bezien een bepaalde mate aan duurkracht van mij vergde. Terwijl ik in mijn wedstrijd van drie minuten enkel en alleen moest exploderen. Duurkracht en explosieve kracht combineren was niet makkelijk maar lukte mij in voldoende mate om een redelijk succesvolle topvechtsporter te worden.

Truukjes
Als oud-topkarateka voer ik dit regime in mijn ridderfactortraining zelfverdediging door. ‘Zonder kracht géén kunde’ zeg ik tegen elke cursist die ik mijn krachthonk in Bussum binnenloods. Daarna leg ik cursisten uit dat zij fysiekmentaal maximaal sterk moeten worden om hun kansen op winst in een gevecht zo groot mogelijk te maken.

Bij mij leren cursisten voor hun zelfverdediging géén ‘truukjes’ en ‘geheime technieken’ die geen kracht van hen vergen. Mijn ervaring als topvechtsporter binnen het sportkarate heeft mij geleerd dat ik binnen mijn gewicht maximaal sterk moest zijn om het te kunnen winnen van tegenstanders die net zo zwaar waren. Anders zou elke strijd binnen mijn vechtsport éénrichtingsverkeer worden. Zonder dat ik daar ook maar iets tegenin zou kunnen brengen.

Bruut
Laat staan wanneer ik het zou moeten opnemen tegen iemand die veel zwaarder in gewicht zou zijn dan ik was! Nou, dat kan ik vertellen omdat ik ook in de Open Klasse karatewedstrijden gevochten heb. De Open Klasse houdt een open gewichtsklasse in, waaraan elke karateka mee mocht doen ongeacht diens gewichtsklasse. Een wedstrijdvechter van 75 kg kwam op de mat tegenover een tegenstander van 104 kilo te staan. Allebei super getraind, technisch maximaal vaardig en zo sterk als het maar kan qua kracht en uithoudingsvermogen.

Een paar maal ben ik 3e van Nederland geworden in zo een Open Klasse. Even zo vaak kwam ik werkelijk bont en blauw thuis. Destijds schommelde mijn gewicht rond de 75 kg en mijn trainer vond het geen goed idee om uit te komen in de -80 kg klasse. Hij had liever dat ik in de -75 kg klasse zou vechten. Dat vond ik zelf niet zo een goed idee omdat ik 1.83 meter lang ben en middengewichten over het algemeen iets korter zijn. Zelf draaide ik het liever om en vocht ik met mijn gewicht en lengte veel liever in de -80 kg klasse. En in de Open Klasse. In deze laatste klasse ging het er bruut aan toe.

Roofdieren
Hoeveel harder zal het er ‘om het echie’ aan toe gaan binnen een gevecht in de zelfverdediging? Boeven vallen pas aan zodra hun kans op succes meer dan gemiddeld is. Daarin zijn criminelen niet anders dan roofdieren. Het tuig valt pas aan zodra zij overmacht en/of overtal hebben. Vrijwel letterlijk verzamelen misdadigers eerst hun kameraden en/of al hun kracht voordat zij tot de aanval overgaan. Net zoals wolven zich verzamelen voordat zij op jacht gaan.

Daarom noem ik aanvallers in mijn ridderfactortraining zelfverdediging altijd ‘Wolven van de Straat’. Zodat mijn cursisten weten met wie zij van doen hebben. Waar zij rekening mee moeten houden. Wat van hen gevergd zal worden als zij een confrontatie niet kunnen ontlopen. Fysiekmentaal maximale kracht naast werkelijk werkende weerbaarheid. Vandaar mijn slagzin: ‘Zonder kracht géén kunde’.

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 27: Leer vechten met je pen!

Ouders
Wanneer cursisten in mijn ridderfactortraining zelfverdediging onder de 18 jaar oud zijn, is het vereist dat (één van de) ouders aanwezig blijven. Zo maken zij gedurende de gehele training mee wat ik hun kinderen ter zelfverdediging aanleer. Zo zien ouders hoe ik hun kinderen leer zichzelf met pennen, potloden, stiften, agenda’s, boeken en zelfs mobieltjes te verdedigen tegen aanvallers. Sommige ouders schrikken ervan terwijl het voor andere ouders een eyeopener is. Zij hebben er nooit bij stil gestaan zichzelf met alledaagse voorwerpen te kunnen verdedigen.

Klas
Van ouders en cursisten krijg ik verhalen te horen over hoe het er in de klas aan toe gaat. Een van de ouders van een cursist heeft de school van zijn kinderen ‘een jungle’ genoemd waarin onze Nederlandse wetten, regels, afspraken, normen en waarden niet tellen. Daar geldt het recht van de sterkste. Gesprekken met docent en directie helpen niet. Zo is deze ouder bijna rechtstreeks van school bij mijn opleidingsinstituut voor weerbaarheid en zelfverdediging terecht gekomen. Met de vraag trainingen zelfverdediging voor deze scholier te verzorgen.

Pennen
Om het bij zelfverdediging voor scholieren te houden: in de klas is een veelheid aan pennen, potloden en stiften aanwezig. Naast boeken, dikke schriften, agenda’s en andere langwerpige vierkante voorwerpen waarmee iedereen zichzelf prima kan leren verdedigen. Maar laten wij het even bij pennen, potloden en stiften houden.

Een collega van mij zag tijdens het uitvoeren van onze dienst dat ik een PocketShark van Cold Steel bij mij droeg. Hij kende deze viltstift ook. Er valt heel goed mee te schrijven. Wat dit betreft is deze PocketShark een prima viltstift die met dikke zwarte inkt schrijft. Daar houdt elke vergelijking verder mee op. Het bijna een eeuwigheid voordat de dop van de PocketShark geschroefd is. De extra lange schroefdraad zorgt voor extra stevigheid waardoor de PocketShark nooit makkelijk door midden zal breken. Breken? Ja, de PocketShark is gemaakt om nooit te breken. Niet zelf in ieder geval. Want, zodra je een aanvaller goed weet te raken met de punt of de dop van de PocketShark zal die dat onmiddellijk voelen.

Pijn
Criminelen die geweld gebruiken luisteren niet naar taal van hun slachtoffers. Woorden doen hen niets. En bewegen zulke roodieren helemaal niet op te houden met hun wangedrag, agressie, bedreiging en geweld. Boeven ervaren smeekbedes als zwakte. De gemiddelde boef weet op zo een moment zeker dat hij lekker los kan gaan. Zijn slachtoffer is een ‘taalgebruiker’ van wie de crimineel geen gewelddadige tegenstand hoeft te verwachten.

Mijn zelfverdediging tip nummer 27: pak een pen, potlood of stift en doe zo een tegenstander pijn. En ik wéét wat ik zeg omdat ik mijn PocketShark meermaals gebruikt heb. Ik heb er tegenstanders werkelijk mee afgestopt. Abrupt, midden in hun actie.

Oefenen
Het afstoppen van aanvallers door hen met een pen, potlood of stift keihard ergens te raken is heel erg makkelijk. Al mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging verzorg ik vanuit het KISS-principe: Keep It Simpel Stupid. Geen moeilijke handelingen. Gewoon keihard je tegenstander raken met de schrijfpunt of de dopzijde.
Leer jezelf wel aan met twéé armen tegelijk te vechten. Zo blijf je het meest veilig voor zijn aanvallen terwijl je met je pen, potlood of stift hem pijn toebrengt.

Interesse in trainingen zelfverdediging? Interesse in trainingen zelfverdediging voor scholieren? Interesse in ridderfactortrainingen zelfverdediging? Bel snel 06-13886352 en mail naar adrie@ridderfactor.nl

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

‘Adrie … leer mijn zoon véchten!’

Eigen Kracht
Het is mijn stellige overtuiging dat het nodig is vanuit een sterke eigen kracht de wereld om je heen te verbeteren. Dit desnoods af te dwingen. En daartoe de eigen fysiekmentale gesteldheid aanzienlijk te verhogen.
Een sterk lijf geeft krachtige gedachten. Krachtige gedachten leiden tot een kranige houding. Zo een potent postuur straalt op anderen in de omgeving. Die merken dat op en realiseren zich meteen dat er iemand werkelijk aanwezig is. Iemand die sterk genoeg is om te strijden tegen onrecht. Met diens eigen kracht.

Droom
Het is mijn droom mensen die (even) de weg kwijt zijn weer het juiste pad te helpen volgen. Via krachttraining hen letterlijk sterk maken, maar ook door hen te leren zich netjes te gedragen en hen puur praktijkgericht zelfverdediging bij te brengen. Dit doe ik het liefst één-op-één zodat ik als het ware met mijn coachee kan samenwerken. Om samen te werken aan een betere wereld. Beleeft vanuit diens eigen sterkere levenshouding.

Zoals de puberzoon van de vader die bij mij op de zaak maar een opdracht tegen mij uitsprak: ‘Adrie … leer mijn zoon véchten’. Met precies zoveel woorden gaf hij aan dat ik carte blanche had voor wat betreft de inhoud van de ridderfactortrainingen voor zijn zoon. En omdat de klemtoon lag op de eerste lettergreep van het woord ‘vechten’ restte mij niet anders dan van zijn zoon een vechtmachine te maken. En deze netjes opgevoede jongen het ridderpad te helpen volgen, op weg naar een hoofse, hoffelijke, hulpvaardige én heldhaftige nieuwe levenshouding. Mijn droom te mogen volgen in het op weg helpen van deze jongen.

Achtergrond
Het wedstrijdkarate van de KBN vormt de basis van mijn ervaring in het adequaat omgaan met strijd en vechten. Uiteraard op een sportieve wijze. Gebonden aan wedstrijdregels die in de gaten gehouden werden door karatescheidsrechters. Een ander gedeelte van mijn achtergrond wordt gevormd door bijna drie decennia aan werkzaamheden als cipier in het Nederlandse Gevangeniswezen. Dit bracht ik samen tot een bijzondere weerbaarheidstraining: mijn ridderfactortraining zelfverdediging. Met als motto: ‘iedereen weer ridder!’.

Oorlog
‘elke dag oorlog’ lijkt het wel voor sommige van mijn coachees. Ze komen bij mijn bedrijf vanuit een historie van wangedrag, agressie, bedreiging en geweld. Anno 2018. Hoe is het mogelijk? Wat gebeurt er dagelijks in onze samenleving?

Een belangrijke oorzaak achter de dagelijkse agressie, ligt volgens mij in het pappen en nathouden dat wij in ons land vele jaren lang aangehouden hebben. Niemand kreeg werkelijk op zijn donder voor diens wangedrag. Slaan was voor nette burgers uit den boze. Conflicten en confrontaties moesten uitgepraat worden. Zelfverdediging als belangrijke dagelijkse vaardigheid, verdween uit beeld. Mensen werden aangevallen zonder te weten wat daartegen te kunnen doen.

Hulp
Deze mensen kom ik graag te hulp. Eerst via karatelessen die ik verzorgde. Aanvankelijk in de jaren ’80 van de vorige eeuw vanuit een eigen karateschool gericht op het wedstrijdkarate. Daarna vanuit een karateschool die ik samen met Roy Anroedh runde waarin vooral het mentale aspect centraal stond. Tegelijk verzorgde ik binnen deze karateschool alleen het trainen van de wedstrijdselectie en onze trainingen zelfverdediging. Dit vormde de start van mijn Studiegroep Praktische Zelfverdediging als bedrijf. Dat anno 2018 onder de naam ‘ridderfactor.nl’ riddertrainingen zelfverdediging verzorgt.
Trainingen waarmee ik mijn cursisten wil helpen hun ridderfactor aanmerkelijk te verhogen. Opdat zij sterk, sociaal én succesvol worden.

Privétraining
Van de klassikale karatelessen en trainingen zelfverdediging ben ik nu door gegroeid naar privaat verzorgde ridderfactortrainingen. Geheel gericht op de hulpvraag van mijn coachee. In zo een privetraining wijs ik cursisten op fundamentele normen en waarden zoals die normaliter gelden binnen onze samenleving. En de rechten en plichten die een verbeterde ridderfactor met zich mee brengt.

Dat een vader letterlijk vraagt: ‘Adrie, leer mijn zoon véchten!’, zegt heel wat over de wanhoop waarmee ouders bij mij aankloppen. Onze netjes opgevoede kinderen en jongeren komen buiten op sraat in zo een volkomen andere wereld terecht. Zij weten eigenlijk helemaal niet hoe het er daar aan toe gaat. Hoe het werkelijk werkt. Welke taal zij daar moeten spreken.

Stralen
‘Taal van de Wolven’ noem ik de taal die op straat gesproken wordt. Naar mijn idee is het leren van de Taal van de Wolven een eerste en vooral heel belangrijke stap voor cursisten in mijn ridderfactortrainingen zelfverdediging. Zo help ik nette mensen die adequaat willen leren omgaan met wangedrag, agressie, bedreiging en geweld een heel eind op weg.

Successtory’s over het adequaat omgaan met de Wolven van de Straat zijn er van mij genoeg. Bijvoorbeeld de jongen van de foto die keihard in zijn gezicht geslagen werd. Dat gebeurt nu helemaal nooit meer. Sterker nog, hij beoefend nu judo … in een leeftijdsgroep hoger omdat in zijn eigen leeftijdsgroep niemand hem meer als oefenpartner aankan.

Deze jongen straalt nu elke dag. Niets is voor mij mooier dan nette inwoners op succesvolle wijze op weg helpen naar meer weerbaar gedrag.

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Adrie de Herdt verzorgt lessen zelfverdediging speciaal voor scholieren: Scholierenzelfverdediging!

Een op ontwikkeling van maatschappelijke betrokkenheid, sociale vaardigheid en fysiekmentale veiligheid gerichte, pedagogisch-didactisch verantwoorde nieuwe leermethode voor het onderwijs om de weerbaarheid van scholieren mee te versterken.

‘Anders denken over agressie … leid tot anders doen onder agressie!’, uiteraard is dit makkelijker gezegd dan gedaan. Juist daarom is het een goed idee uw scholieren snel kennis te helpen maken met het weerbaarheid-verbeterende oefenprogramma ‘scholierenzelfverdediging‘.

Scholieren hebben dagelijks last van sociaal ongewenst gedrag, agressie, bedreiging en geweld!

‘Hands Up, Eyes Open’, luidt het motto van de training Zelfverdediging voor Scholieren.

Een verwijzing naar wat cowboys en criminelen roepen in films, video’s, games en muziekclips voordat ze mensen overvallen. Plus een verwijzing naar de basishouding die scholieren in trainingen Scholierenzelfverdediging leren gebruiken voor zodra ze overvallen worden door agressie en geweld.

Handen omhoog en alles in de omgeving goed in de gaten houden, daar draait het om in trainingen Scholierenzelfverdediging. Handen omhoog om hersenen, de centrale computer zoveel mogelijk te beschermen. Om- en tegenstanders aankijken om contact met ze te houden en hier op sociaal intelligente wijze tijdens de verdedigende interactie gebruik van te maken.

De training Scholierenzelfverdediging is het begin van een ontdekkingstocht naar moreel verantwoord, puur praktijkgericht en sociaal afgestemd omgaan met wangedrag, agressie, bedreiging en geweld. Op basis van moderne neurowetenschappelijke en nieuwe sociaalpsychologische inzichten en pedagogisch-didactische kennis in combinatie met eeuwenoude gevechts- en leefregels uit enkele oosterse vechtsporten.

Samengebracht in resultaten van het afstudeeronderzoek: ‘Zelfverdediging voor Scholieren’ dat SPZ-trainer Adrie de Herdt in opdracht van de Haagse Hogeschool Academie voor Sportstudies verricht heeft aan de Hogeschool van Amsterdam naar mogelijkheden trainingen Scholierenzelfverdediging in te zetten in het voortgezet onderwijs.

Heeft u opmerkingen, vragen of aanmerkingen? Deel ze met ons via adrie@ridderfactor.nl

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 26: nooit een trap naar het kruis maken!

Familie
Meisjes en vrouwen hebben naar mijn idee altijd ergens mannelijke familie die het beter weet zodra het op zelfverdediging aan komt. Binnen het gezin zijn dit vaak vaders en broers. Daar buiten zijn het ooms en neven, opa’s en achterneven. Vanuit een achtergrond in allerlei vechtsporten hebben zij tips en adviezen voor de vrouwen in hun familie. Tips die zich vaak reduceren tot een ‘kruistrap’. ‘Schop hem meteen voor zijn ballen’ luidt het binnen families vaak kortaf.

Damesclub
Veertien dames van een vrouwenondernemersvereniging had ik in een speciale riddertraining zelfverdediging bij mij op de zaak in Bussum. Kordate dames die interessante en gedurfde zaken ondernemen en daar succesvol in zijn. In mijn speciale workshop hadden zij de tijd van hun leven. Want, er werd niet alleen maar getraind. Na deze speciale puur praktijkgerichte en beslist zeer zware training konden zij bijkomen en bijpraten in mijn theorieruimte. Daar stonden hapjes en drankjes klaar en het werd een hele gezellige bijeenkomst tot laat in de avond.

Rapper Boef
Voordat de dames mochten genieten van hun borreltje moesten zij zich fiks fysiek inspannen. Zij moesten oefenen hoe zo snel mogelijk uit krappe en overvolle ruimtes te vertrekken en daar andere mensen bij te passeren. Op zulke momenten waarbij iedereen in paniek is helpt vriendelijk vragen echt niet meer. Dan moet je knokken om lucht te krijgen. Zo belandden wij bij het vechten in de zelfverdediging. En daarmee bij de ‘kruistrap’.

Van de veertien deelnemende dames vertelden drie dat zij familie binnen een vechtsport hebben. Familie waarvan zij geleerd hebben zichzelf te verdedigen. Dat vind ik prima en geweldig. Want, het is mijn mening dat alle vrouwen zichzelf zouden moeten leren verdedigen. Juist omdat onze samenleving helemaal niet zo vrouwvriendelijk is als het lijkt. Rapper Boef is slechts een symptoom van de wijze waarop wij in Nederland met onze vrouwen omgaan. In onze huidige moderne en vrije maatschappij worden vrouwen nog steeds aangevallen.

Afstand
De kern van mijn riddertrainingen zelfverdediging wordt gevormd door handelingen waarmee mijn cursisten kunnen zorgen héél te blijven onder druk van wangedrag, agressie, bedreiging en geweld. Het is niet voor niets dat u op de foto bij dit artikel het groepje vrouwelijke ondernemers ziet dringen om elkaar te passeren in het oefenhuis dat ik op de benedenverdieping van mijn bedrijf ingericht heb. ‘Maak dat je wegkomt!’ vormt voor hen het sein er pijlsnel vandoor (proberen) te gaan. Vanuit het principe dat afstand veiligheid betekent. Hoe verder van je tegenstander vandaan, hoe minder nare dingen deze met jou kan uithalen.

Kruistrap
Tegelijk zijn het de drie dames met vechtsportende familieleden die dit enigszins anders zagen. Zij waren van mening dat een keiharde trap in de ‘weke delen’ van een man hem al snel van zijn nare gedachten af zou helpen. Zij waren niet van plan te vluchten en voelden geen noodzaak zich snel uit de voeten te moeten maken.
Dat is helemaal waar. Zodra een man goed tegen zijn geslachtsdelen getrapt is en hij is stevig geraakt, dan is het echt over voor hem. Dan doet die geen stap meer en zegt hij geen ‘boe of bah’. Hij begint te piepen en zal dubbelgevouwen voorover vallen. Als je hem goed heb weten te raken met zo een trap naar het kruis. Een kruistrap.

Fietsstangen
Probleem met ‘kruistrappen’ is dat mannen al van jongs af aan weten dat zij daar niet geraakt moeten worden. Mannen zijn heel erg voorzichtig met hun kruis. Dat heeft de ervaring hun geleerd. Alle mannen kennen de fietsstangen maar al te goed. Mannen zijn (vaak meermaals) onzacht in aanraking gekomen met de fietsstang tussen zadel en stuur. Staande fietsend hoefde maar één voet van de trapper te glijden en het werd ‘jodelen’ vanwege de pijn in het kruis. Als zo een man (ten tijde van het ongeval vaak jongetje) nog kon staan smeet die de fiets van zich af om vloekend heen en weer te lopen. Lopen? Huppelen! En soms helemaal niet dan lag zo een jongetje te rollen over straat. Tot hilariteit van vriendjes die erbij waren.En ik spreek uit ervaring.

Honkballen
Als puber speelde ik wel eens honkbal. Op school dankzij enthousiaste gymdocenten en buiten school met vriendjes die aan honkbal deden. Als jongetjes wisten wij één ding: werpers liepen gevaar! Vooral omdat de meeste slagmannen er maar op los sloegen. Echt een homerun door de wolken was er meestentijds niet bij. Ballen werden alle kanten op geslagen. In de context van dit verhaal ook de verkeerde kant op. In mijn richting …

Ooit was ik ikzelf werper en kwam er al snel achter dat mijn slagman bovenhands geworpen ballen echt niet kon raken. Ik begon hem onderhands aan te gooien. Hij kon nog steeds niets raken. Ik begon steeds hogere pisbogen aan te gooien zodat hij meer tijd zou krijgen de bal te zien. Dat hielp. Hem! De droge knal waarmee zijn slaghout de bal raakte was een indicatie voor de snelheid waarmee de bal vertrok van het hout. In één streep recht vooruit naar mijn kruis …

Raken
Dankzij de enorme pisboog waarmee ik deze bal aangeworpen had, heeft hij hem eindelijk kunnen raken. Nu ging het echt niet om een Amerikaanse tophonkballer die ballen met meer dan honderd kilometer per uur wegjaagt. Het is wél zo dat deze bal voldoende snelheid had om het voor mijn ogen onmogelijk te maken deze te volgen. Wat mijn ogen wél zagen was voor mijn hersenen voldoende om een gevaarlijk traject te berekenen: deze bal ging met gezwinde spoed richting mijn geslachtsdelen … gevaar!

Toch heeft hij mij niet in mijn kruis getroffen. Over de maximaal tien tot vijftien meter die wij van elkaar vandaan stonden. Ondanks de snelheid van de toegeslagen bal. Terwijl mijn lichaam nog in actie moest komen. Toch heeft hij mij niet in mijn kruis getroffen.

Reflex
Hoe ik dit gedaan heb weet ik niet. Dat ik iets gedaan heb weet ik wel. In een reflex heb ik mijn lichaam afgedraaid. Heb ik mijn heup uit de haakse stand op de beweegrichting van de bal gedraaid naar een parallelle stand. Daardoor raakte de bal niet mijn ‘weke delen’ maar de lies van mijn rechterbeen. Door de impact werd dat been onder mij weggeslagen en smakte ik tegen de grond.Dat dit ontzettend pijn deed kan ik wel zeggen. Maar reflexmatig heb ik mijn kruis afgeschermd van de honkbal die daar bliksemsnel op afkwam.

Hoe is dit mogelijk? Mannen weten diep van binnen dat zij hun geslachtsdelen moeten beschermen. Dit doen mannen reflexmatig zelfs sneller dan een aangeslagen honkbal supersnel kan vliegen. Bliksemsnel.

Succes
Betekent dit nu dat wij mannen die ons aanvallen nooit in het kruis moeten trappen? Natuurlijk niet. De effecten van een kruistrap zijn binnen de zelfverdediging buitengewoon effectief. Mannen die een kruistrap krijgen vouwen hun lichaam dubbel terwijl ze hun handen naar het kruis brengen en slaan vaak tegen de grond. Van zo een nare knakker ben je meteen verlost als je hem goed raken kan.

Juist hier zit de crux. Je moet zo een nare man wel meteen heel goed raken. Een licht tikje met je voet tegen zijn geslacht is echt niet voldoende. Ik heb mannen door zien vechten die een trap in het kruis gekregen hadden. Die trap was werkelijk niet hard genoeg uitgedeeld. Een kruistrap in de zelfverdediging moet loeihard uitgevoerd worden.

Daarnaast is het van belang niet enkel en alleen op zo een kruistrap te focussen. Dat heeft elke mannelijke tegenstander heel snel door. Net zoals mijn hersenen de baan van de honkbal in een flits konden berekenen en daar bijzonder adequaat op reageerden, zullen mannen die vrouwen aanvallen dat ook doen zodra een vrouw hem een trap naar het kruis probeert te geven.

Maak allerlei (schijn)bewegingen en laat hem niet vooraf weten dat jij hem eigenlijk keihard in zijn kruis wil trappen. Dan heb je de meest kans op succes met een kruistrap … anders niet.

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments

Zelfverdediging Tip 25: doe je niet groter voor dan je bent.

Krachtverlies
De eerste cursisten zijn hun riddertrainingen zelfverdediging dit nieuwe jaar 2018 bij mij op de zaak in Bussum begonnen. Hartstikke leuk om te doen. Plus dat het heel interessant is te zien hoeveel kracht de meesten verloren zijn na een gemiddelde van drie weken vakantie. Bovendien hebben de feestdagen rond Kerst en de Jaarwisseling er stevig ingehakt. Inhakken op de maaltijden die zij genuttigd hebben wel te verstaan. Sommigen voelen zich vet en vadsig terwijl anderen mij zeggen dat zij ‘een jasje’ uitgedaan hebben.
In de literatuur over krachttraining staat inderdaad dat regressie doorzet na ongeveer veertien dagen zonder oefening. Tot die tijd houdt het lichaam haar kracht en geoefendheid wel in stand maar daarna gaat het hard bergafwaarts. Zo ook bij mijn cursisten.

Idee-fixe
Als bij mijn cursisten krachtverlies en verlies van geoefendheid zich al na veertien dagen begint te laten gelden, hoe zit dit dan met geheel ongetrainde en ongeoefende personen? Hier valt ook van alles over te lezen. In het kort komt het erop neer dat zij hun lichaam zichzelf laten ‘verslappen’ en dat het een hele tijd van gewenning nodig heeft om weer kracht op te kunnen doen.
Cijfers liegen niet. In vergelijking met drie weken geleden zijn mijn cursisten gemiddeld maar twee tot vijf kilo aan gewicht minder gaan duwen, trekken en sleuren. Toch voelen zij zich al slapper dan voorheen. Kracht is blijkbaar een gevoel, een idee-fixe. Een idee dat mijn cursisten zelf creëren omdat zij zichzelf in die drie weken vakantie niet hebben zien duwen, trekken en sleuren aan gewichten bij mij op de zaak. Alleen daarom al voelen zij zich minder sterk en misschien zelfs minder groot.

Groot
Maar, wat is groot? Zit grootte in ons postuur? In de spierballen die ons helpen duwen, trekken en sleuren aan gewichten? Die ons de kracht geven anderen van ons af te houden?
Een grotere spier is wat mij betreft per definitie ook een sterkere spier. Anders zouden spieren onder belasting niet groeien. Een effect dat de reden voor veel mensen is om aan krachttraining te gaan doen: spiergroei. Zij wéten dat zij sterker geworden zijn dan voorheen dankzij hun krachttraining en zien dit af aan de grotere omvang van hun spieren. Zij zijn daadwerkelijk groter geworden.

Klein
Wat nu als je klein bent? Wat nu wanneer jij ondanks regelmatige training klein blijft? Niet omdat er iets mis is met je lichaam en de processen die daarin plaats zouden moeten vinden onder invloed van krachttraining. Maar gewoon klein zijn en blijven. Dat je niet groter bent en worden zal dan zeg maar anderhalve meter voor een vrouw en tien centimeter meer voor een man. En je erfelijke belasting zodanig is dat je nooit grote spierballen ontwikkelen zal.
Dan ben je klein en zal je nooit groter worden. Nu wéét ik dat in West-Europese landen aan kinderen bij wie de groeischijven nog op de kop van de botten zit, via (huis)artsen groeihormonen werkelijk voorgeschreven worden. Lengte is hier een soort van ideaalbeeld voor onze inwoners. Daar doen zij blijkbaar alles voor. Zelfs groeihormonen in de kindertijd slikken. Als je klein bent en dat blijft, ben je blijkbaar maatschappelijk in het nadeel.

Groter

Het is binnen onze samenleving blijkbaar van belang jezelf groter voor te doen dan erfelijk bepaald is. Hier oordeel ik niet over. Voel jij jezelf lang veel beter dan mag dat wat mij betreft. Dat het innemen van groeihormonen je lichaam niet alleen zichtbaar doet groeien neemt zo iemand blijkbaar als risico.
Een veel groter risico houdt het volgens mij in om jezelf groter voor te doen dan je bent in situaties vol van gevaar. Menselijk gevaar. Grotere tegenstanders die het op jou gemunt hebben. Boeven die naar een slachtoffer op zoek zijn. Jezelf op zulke momenten groter voordoen dan je bent is wat mij betreft een risico dat je nooit moet nemen.
Wij mensen zijn ervoor gemaakt informatie af te lezen aan elkaars lichaamshouding en in elkaars ogen. Vooral de roofdieren onder onze inwoners hebben hier ervaring mee: zij weten exact wie zij wel en wie zij niet tot slachtoffer kunnen maken. Uiteraard zit hier een foutmarge in, maar die nemen misdadigers voor lief.

Gebrek
Er zijn wetenschappelijke onderzoeken beschikbaar met informatie van veroordeelden die daarin beschrijven waarom een bepaalde persoon door hen tot slachtoffer gemaakt werd. Feilloos weten boeven vooraf te bepalen wie zij wél en niet kunnen aanvallen. Dat heeft met postuur, houding en handelen te maken. Boeven lezen aan de manier waarop iemand beweegt of die sterk of zwak is. Of diegene een geoefende vechter is of niet. Of deze persoon problemen zal maken of niet.
Criminelen zijn over het algemeen op zoek naar een ‘gewone’, middelmatig moeilijke en doorsnee sportende burger. Iemand die netjes opgevoed is, daarom niet graag wil opvallen en al helemaal niet van ruzie houd. Die kunnen zij aan. Deze kunnen zij tot slachtoffer maken met een hele kleine kans voor hun misdrijf gepakt te zullen worden. Een gebrek aan zelfvertrouwen lezen lage lieden al van ver aan iemand af.

Spelen
Doe niet net alsof dat zelfvertrouwen er wél is. Ga niet langer lopen dan je bent. Doe je niet sterker voor dan je in werkelijkheid bent. Het gajes prikt hier gauw doorheen. Speel geen spelletjes met slechte sujetten.
Wordt werkelijk maximaal sterk. Verbeter je behendigheid en vergroot je uithoudingsvermogen. En dat mag wat mij betreft spelenderwijs. Ga op een balsport, rijd op mountainbikes door het bos of ga hardlopen.
Bij mij op de zaak in Bussum heb ik op de eerste verdieping een krachthonk ingericht. Al mijn cursisten zelfverdediging worden zwaarder. Gemiddeld zeven kilo. Niemand is bij mij afgevallen. Nou ja, één cursist klaagde dat hij slechts één kilo aangekomen was. ‘Dan ben jij toch afgevallen man’ , was mijn antwoord. Ongemerkt en alleen maar door keihard te trainen. Ook spelenderwijs.

TV-show
Ga heel gericht en serieus met jezelf aan de gang. Mij maakt het niet uit waar. Welke vechtsport, welke club of vereniging. Zolang je maar zorgt dat er geen ‘truukjes’ en/of ‘geheime technieken’ aangeleerd worden die in de praktijk van het échte gevecht helemaal niet werken.
Ook is het belangrijk jezelf vragen te stellen over kracht-, behendigheid- en conditietraining. Is het enkel en alleen eindeloos rondjes rennen door de zaal met daarna wat rek- en strekoefeningen. Wordt je in de techniektraining voldoende uitgedaagd? Zijn de trainingen zelfverdediging op maat gesneden, ‘voelt’ het goed? Voelt de groep goed? Kortom vele criteria om naar te kijken zodra het op het zoeken naar een goede zelfverdedigingsles aan komt.

Voor mij hoeft niemand zichzelf groter voor te doen dan die werkelijk is. Een echt gevecht is geen TV-show. Sterker nog, heb ik liever dat niemand ziet hoe zo een gevecht in zijn gang gegaan is. Hoe minder getuigen, hoe beter want daar kan je achteraf alleen maar narigheid van krijgen. Vooral wanneer je de strijd tegen een veel grotere, hardere, gemenere, gevaarlijkere, geoefendere en ervarener tegenstander winnend afgesloten heb. Dan krijg je veel vragen omdat niemand geloven wil dat jij dit zelf voor elkaar gebokst (what’s in a word?) heb.

Wilt u meer weten over mijn riddertrainingen zelfverdediging? Bel snel 06-13886352, stuur een PB en mail naar info@ridderfactor.nl Bekijk gerust onze website:www.ridderfactor.nl

Share on Facebook
posted by Adrie de Herdt in Geen categorie and have No Comments